Richard H., die in 2005 zijn vrouw en twee jonge dochtertjes vermoordde en vervolgens deed alsof zij vermist waren, is mogelijk over twee weken volledig vrij. Het Openbaar Ministerie vindt dat zijn tbs niet langer hoeft te worden verlengd. Ook deskundigen zien volgens de meest recente rapporten nog maar weinig gevaar op herhaling.
De zaak staat bekend als de Zoetermeerse gezinsmoord. Op 6 april 2005 bracht H. zijn 31-jarige vrouw Claudia van Veen en hun dochtertjes Marieke (5) en Charlotte (3) om het leven in hun woning in Zoetermeer. H. had destijds buitenechtelijke relaties en wilde een Poolse vrouw met wie hij contact had thuis ontvangen. Hij verklaarde later dat zijn gezin hem daarbij in de weg stond.
Na de moorden vervoerde H. de lichamen in zijn auto naar Noord-Brabant. Hij begroef Claudia en de twee meisjes in een recreatiegebied bij Alphen-Chaam, achter camping Het Zand. Pas dagen later gaf hij zijn vrouw en kinderen als vermist op.
H. hield vervolgens tegenover familie en politie de schijn op dat hij niet wist waar zijn gezin was. Hij hielp zelfs mee met de zoektocht en deed publiekelijk een oproep om naar zijn vrouw en dochters uit te kijken. Rechercheurs kregen echter steeds meer twijfels over zijn verklaringen. Uiteindelijk werd H. aangehouden en bekende hij de drie moorden. De lichamen werden op zijn aanwijzingen gevonden.
De rechtbank veroordeelde H. aanvankelijk tot een levenslange gevangenisstraf. In hoger beroep kwam het gerechtshof tot een andere straf: twintig jaar cel en tbs met dwangverpleging. Het hof stelde onder meer vast dat H. zijn vrouw en beide dochtertjes had gedood, hun lichamen had begraven en vervolgens had geprobeerd zijn betrokkenheid te verhullen.
Ruim twintig jaar later lijkt ook het laatste deel van zijn strafrechtelijke traject ten einde te komen. Tijdens een nieuwe tbs-zitting bij de rechtbank in Den Haag waren de deskundigen volgens Omroep West eensgezind: er zou bij H. geen psychische stoornis meer aanwezig zijn en het gevaar op herhaling wordt als laag ingeschat. Het Openbaar Ministerie heeft de rechtbank daarom gevraagd de tbs niet opnieuw te verlengen.
Dat is een opvallende verandering ten opzichte van 2024. Toen werd de tbs nog met een jaar verlengd. De rechtbank oordeelde destijds dat er nog wel een stoornis aanwezig was en dat vooral op langere termijn risico kon ontstaan, bijvoorbeeld wanneer een eventuele relatie van H. zou mislukken. De dwangverpleging werd toen wel voorwaardelijk beëindigd.
H. woont inmiddels zelfstandig en werkt in de infrastructuur. Daarnaast doet hij vrijwilligerswerk. Volgens deskundigen vormt vooral het aangaan van een langdurige intieme relatie nog een mogelijke risicofactor. H. heeft tijdens de behandeling aangegeven daar momenteel geen behoefte aan te hebben.
De advocaat van H. wilde dat de rechtbank direct een beslissing nam, maar daar ging de rechter niet in mee. Vanwege de beladenheid van de zaak wil de rechtbank zorgvuldig tot een oordeel komen. Over ongeveer twee weken volgt de uitspraak. Als de tbs inderdaad wordt beëindigd, verdwijnt het resterende toezicht op H.
Helemaal zonder beperkingen is hij dan overigens nog niet. Er geldt een contact- en locatieverbod dat tot 2031 loopt. Daardoor mag hij onder meer niet in Zoetermeer komen en moet afstand tot de nabestaanden worden gehouden.







