De politie heeft een groep mannen opgepakt die ervan worden verdacht vrouwen uit hun directe omgeving te hebben gedrogeerd, seksueel te hebben misbruikt en daarvan heimelijk beelden te hebben gemaakt. Volgens onderzoekers werden deze opnames vervolgens gedeeld binnen afgeschermde online netwerken. In die groepen zouden ook adviezen zijn uitgewisseld over het gebruik van middelen om slachtoffers weerloos te maken.
Het onderzoek kwam op gang na informatie van buitenlandse opsporingsdiensten uit Duitsland en het Verenigd Koninkrijk. Daarna richtten de Rotterdamse zedenrecherche en rechercheurs hun aandacht op acht Nederlandse verdachten tussen de 21 en 51 jaar oud.
Vier mannen zijn inmiddels aangehouden. Zij zijn afkomstig uit Horst aan de Maas, Hulst, Sint Willebrord en Sassenheim. De overige verdachten wonen in Rotterdam, Amstelveen, Hilversum en Veldhoven. Tijdens doorzoekingen trof de politie verdovende middelen aan en werden ook wapens in beslag genomen.
De verdenkingen gaan verder dan het bekijken of verspreiden van illegaal beeldmateriaal. Enkele verdachten zouden zelf betrokken zijn geweest bij het drogeren en seksueel misbruiken van vrouwen.
Het drogeren van iemand met als doel seksueel misbruik te plegen wordt internationaal aangeduid als drug-facilitated sexual assault (DFSA). Daarbij worden vaak middelen gebruikt die het centrale zenuwstelsel onderdrukken, zoals GHB, Rohypnol of bepaalde slaapmedicatie. Deze stoffen kunnen leiden tot bewusteloosheid, geheugenverlies en verschijnselen die lijken op ernstige alcoholintoxicatie.
Hoeveel vrouwen mogelijk slachtoffer zijn geworden, kan de politie op dit moment nog niet zeggen. Volgens Milou van der Kolk van Team Seksuele Misdrijven in Rotterdam is aanvullend onderzoek nodig naar onder meer telefoons en computers die tijdens het onderzoek in beslag zijn genomen.
Wel benadrukt zij dat de impact van de zaak groot is. Slachtoffers kunnen zich vaak niet herinneren wat er is gebeurd, omdat zij mogelijk buiten bewustzijn zijn geweest door de toegediende middelen. Het vooruitzicht dat een partner, vriend of bekende betrokken kan zijn geweest bij dergelijke feiten, kan volgens haar zeer ingrijpende gevolgen hebben.
Vanwege de mogelijke gevolgen voor de slachtoffers zijn verschillende hulporganisaties betrokken, waaronder Slachtofferhulp Nederland, Veilig Thuis en het Centrum voor Seksueel Geweld (CSG). Volgens CSG-directeur Iva Bicanic kan het bijzonder zwaar zijn om te horen dat er mogelijk seksuele handelingen hebben plaatsgevonden zonder dat iemand zich daarvan bewust was.
Zelfs wanneer concrete herinneringen ontbreken, kunnen slachtoffers worstelen met vragen over wat er precies is gebeurd. Die onzekerheid, gecombineerd met het gevoel dat vertrouwen en persoonlijke grenzen zijn geschonden, kan leiden tot ernstige stressklachten en emotionele problemen.
Daarom is professionele begeleiding volgens de betrokken hulpverleners essentieel. Slachtoffers moeten terechtkunnen bij deskundigen die ondersteuning bieden en helpen bij het verwerken van de situatie.
De politie zet het onderzoek ondertussen voort. Rechercheurs analyseren momenteel grote hoeveelheden digitale gegevens afkomstig van de in beslag genomen apparaten. Nieuwe arrestaties worden daarbij niet uitgesloten
