Een laatste wens: nog één keer Ajax zien spelen in de Johan Cruijff ArenA. Voor een ernstig zieke Ajax-supporter leek die droom zondag eindelijk werkelijkheid te worden. Maar al na vijf minuten voetballen sloeg het noodlot toe en verdween zijn wens letterlijk in rook.
De man verblijft sinds september in een hospice. Enkele weken geleden deed hij zijn verzoek aan de Wensenambulance: hij wilde nog één keer zijn club met eigen ogen zien spelen. Praten gaat bijna niet meer, maar zijn liefde voor Ajax was duidelijk, vertelt vrijwilliger André van der Gun (68) van de Wensenambulance Noord-Holland.
Zondag haalde André hem samen met verpleegkundige Annemarie op. De man had een klein knuffelbeertje met een Ajax-shirtje stevig tegen zich aangedrukt. „Dat beertje liet hij niet los. Hij is een echte Ajacied”, zegt Van der Gun. Een van zijn zonen vergezelde hem. „Je zag in alles hoe veel dit voor hem betekende.”
De rit naar de ArenA verliep vlekkeloos. Bij aankomst stonden stewardbegeleiding, een vaste plek en gehoorbescherming al klaar. Voorzichtig werd de man zo gepositioneerd dat hij rechtop kon kijken en goed zicht had op het veld. „We zaten achter het doel van FC Groningen. Achteraf maar goed ook, want de chaos ontstond aan de Ajax-kant”, aldus Van der Gun.
Na precies vijf minuten veranderde de wedstrijd in een nachtmerrie. „Het was geen paar knalletjes, maar zwaar vuurwerk. Het stadion vulde zich in één klap met rook en felle flitsen”, vertelt hij. „Ik maakte me direct zorgen. Meneer is extreem kwetsbaar.”
Toen de rook na veertig minuten wat optrok en de wedstrijd werd hervat, volgde nog geen tien seconden later opnieuw vuurwerk. „Ik keek mijn collega aan en zei: we gaan weg. In de ambulance was hij tenminste veilig.”
Bij de aftrap leefde de man zichtbaar op, maar dat moment van geluk verdween net zo snel als het gekomen was. „Hij sprak al zacht, maar nu werd hij helemaal stil. Dat brak mijn hart”, zegt Van der Gun.
Later hoorde hij via de hospice hoe teleurgesteld de man was. Zijn laatste wens was mislukt. „Dat doet pijn. Als wij iets verkeerd doen, neem je jezelf dat kwalijk. Maar dit… dit was gewoon onrechtvaardig.”
De Wensenambulance gaf hem nog een klein ‘wensmuisje’ mee, een extra knuffel. De hospice vertelde dat hij het muisje de hele nacht stevig vasthield. „Het had zó anders moeten lopen”, verzucht Van der Gun. „Het ergste is dat de wens van iemand in zijn laatste levensfase wordt afgenomen. En het is nog maar de vraag of hij dit ooit nog kan meemaken. Zijn laatste wens ging letterlijk op in rook.”

