Man draait op voor 'verdwenen' 800.000 euro bij koop gestolen schilderijen - 112Vandaag

112Vandaag

Noord-Brabant

Man draait op voor ‘verdwenen’ 800.000 euro bij koop gestolen schilderijen

schilderij
Eén van de gestolen schilderijen - De Kwakzalver van Jan Steen

Een man die in België woont moet 800.000 euro betalen aan de Nederlandse Staat. Dat bepaalde de rechtbank Oost-Brabant vandaag. Dit bedrag was de schade die ontstond bij een pseudokoop van gestolen schilderijen uit het Frans Hals Museum.

Voorgeschiedenis
In maart 2002 werden bij een inbraak 5 schilderijen uit het Haarlemse museum gestolen. Zo’n 6,5 jaar later kocht het Openbaar Ministerie (OM) via een infiltrant 4 van die schilderijen terug tijdens twee transacties in Boxtel. Beide keren werd 500.000 euro betaald. Voordat de transactie van het vijfde schilderij kon doorgaan, werd een aantal verdachten opgepakt. De man die in België woont was ook als verdachte aangemerkt, maar werd later door de rechtbank strafrechtelijk vrijgesproken van betrokkenheid bij de heling en witwassen. Zijn 2 medeverdachten werden wel veroordeeld. Het OM verhaalde tijdens een zogeheten ontnemingszaak op ieder van hen 100.000 euro.

Huidige geschil
De Staat wil via deze civiele procedure de overige 800.000 euro terug van de man uit België. Hij bekende in 2016 tijdens de ontnemingszaak tegen de medeverdachten als getuige dat hij betrokken was bij de heling van de schilderijen. De man betwist niet dat hij onrechtmatig heeft gehandeld. Wel betwist hij de hoogte van het bedrag. Een groot deel van de geldbiljetten was gemarkeerd en was niets waard. Ook stelt de man dat niet vaststaat dat het restant van de koopsom volledig bij hem is terechtgekomen. Hij zegt 350.000 euro aan de verkoop te hebben overgehouden, maar dit bedrag zou niet van hem afgepakt mogen worden. Tijdens zijn verklaring in de ontnemingszaak zou hem zijn toegezegd dat hij niet nogmaals voor heling en witwassen van de schilderijen kon worden vervolgd. Ook zou de zaak verjaard zijn, stelt de man.

Het oordeel
Volgens de rechtbank is er allereerst geen sprake van verjaring van de zaak. Daarnaast oordeelt de rechtbank dat de toezegging aan de man alleen zag op een strafrechtelijke vervolging en niet op eventuele civielrechtelijke aansprakelijkheid. Dit betekent dat de man moet opdraaien voor de volledige schade van de Staat. Daarbij is het volgens de rechtbank niet relevant hoeveel geld de man daadwerkelijk aan de verkoop zou hebben overgehouden. De schade van de Staat is namelijk (mede) het gevolg van het handelen van de man. Als hij de schilderijen niet had laten verkopen, dan had de Staat geen schade geleden. De volledige schade bestaat uit 800.000 euro; 1 miljoen euro voor de pseudokoop minus de 2 keer 100.000 euro die via de medeverdachten terugkwam in de staatskas.

To Top