Reactie politie op rapport Amnesty International

taser
Stockfoto

Nederland – De politie is bekend met het standpunt van Amnesty International ten aanzien van het stroomstootwapen. Gezondheidsrisico’s worden, volgens de mensenrechtenorganisatie, onderschat. De politie neemt de kritiek serieus, maar stelt wel vragen bij het Amnesty-rapport.

‘Amnesty is door de politie een aantal keer gevraagd mee te lopen en te kijken in de pilot, maar de organisatie wees dat tot op heden af. Dat betreuren wij ten zeerste. Het rapport van Amnesty loopt vooruit op de evaluatie en keuze voor het stroomstootwapen’, zegt Willem Woelders, voorzitter van de landelijke stuurgroep stroomstootwapen en bij de politie verantwoordelijk voor de proef.

Stunmode
De aanbevelingen met betrekking tot de stunmode zijn bij ons bekend. Extra aandacht hiervoor is ingebracht in de opleidingen en trainingen. Daarnaast vroeg de politie aan de onderzoeker Otto Adang van de Politieacademie om in de tweede helft van de pilot nauwkeurig het gebruik van de stunmode te bekijken en te beoordelen. Het stroomstootwapen is in totaal 302 keer ingezet en in 54 gevallen (bijna 18%) werd de stunmodus gebruikt. Dit blijkt uit de cijfers die de poltie zaterdag 17 februari publiceerde op haar website.

Inzet toetsen
Amnesty suggereert dat de eindevaluatie is bedoeld om de rechtmatigheid van het geweldgebruik te toetsen. Al het geweld dat door de politie wordt gebruikt, wordt getoetst op basis van de geweldsinstructie. Het stroomstootwapen is geïntroduceerd als een middel dat de kloof overbrugt tussen wapenstok en pepperspray enerzijds en het vuurwapen en de hond anderzijds. Met het stroomstootwapen kunnen politiemensen op een relatief eenvoudige manier mensen onder controle brengen, met een kleine kans op letsel. Het is niet bedoeld alleen gebruikt te worden ter afwending van een levensbedreigende situatie. Naar aanleiding van de tussenevaluatie is de training uitgebreid. Hierover heeft Amnesty zich niet laten informeren. De inzet van het stroomstootwapen dient altijd proportioneel en subsidiair te zijn en dat wordt ook getoetst.

Verantwoording
Een agent die geweld toepast of daarmee dreigt, meldt dit bij zijn leidinggevende. Die legt dit op zijn beurt schriftelijk vast. In bijzondere omstandigheden of bij letsel wordt de zaak gerapporteerd aan de OVJ, die een oordeel velt of een onderzoek laat instellen naar het geweldsgebruik. Elk gebruik van geweld moet proportioneel en subsidiair zijn, dat geldt ook voor het stroomstootwapen. Elke zaak moet worden verantwoord en beoordeeld.

Aanvulling
Het stroomstootwapen is voor de politie een waardevolle aanvulling op de te gebruiken geweldsmiddelen. In veel gevallen is dreigen met het stroomstootwapen al voldoende om een verdachte onder controle te krijgen. De politie test het stroomstootwapen omdat agenten met minimaal geweld, een maximaal resultaat willen hebben. Onderzocht is het afgelopen jaar of het stroomstootwapen daarbij kan helpen.

De-escaleren
De politie gebruikt geweld alleen als het echt niet anders kan. Uitgangspunt in het handelen van de politie is om altijd de-escalerend te werken. De mond is en blijft het belangrijkste wapen van de politie.
Als er toch geweld aan te pas komt, werken agenten aan de hand van de geweldsinstructie. Het helpt collega’s om professioneel om te gaan met hun geweldsbevoegdheid. Bovendien moet elke collega zich verantwoorden over het gebruikte geweld. Politiemensen zetten hun vakmanschap en hun geweldsbevoegdheid in voor een veiliger Nederland en zetten een bewuste stap naar voren als het moet. En ze gebruiken hierbij alleen geweld als het echt niet anders kan. Conform de geweldsinstructie.

De huidige middelen blijken in deze veranderende samenleving niet altijd afdoende. Politiemensen ervaren in de dagelijkse politiepraktijk een te grote kloof tussen de wapenstok en pepperspray enerzijds en het vuurwapen en de hond anderzijds, daardoor komt de proportionaliteit van het geweldgebruik in sommige gevallen onder druk te staan. De politie zoekt daarom naar manieren om het beschikbare repertoire aan interventiemiddelen uit te breiden. De inzet van nieuwe, innovatieve middelen moet ertoe leiden dat de politie ook in de toekomst op maatschappelijk verantwoorde en geaccepteerde wijze invulling kan geven aan het toegekende geweldsmonopolie.